// archives

Archive for June, 2010

Geen iAds bij de lancering van Apple’s iAd

 

Er is veel wat je met 1 miljoen dollar kunt doen, maar een advertentie in première laten gaan op Apple’s nieuwe iAd platform, dat kan daar waarschijnlijk niet mee. 

Apple zou 60 miljoen Amerikaanse dollar aan mobiele advertentiecampagnes klaar hebben staan voor de lancering van haar nieuwe advertentie platform iAd. Maar volgens AdAge zullen de marketeers die daar aan meedoen nog wel even in de wachtrij moeten staan.Steve Jobs’ stelt dat Apple nog dit jaar 48% van de mobiele advertenties tonen zal en deze uitspraak heeft grote merken verleid om met Apple in zee te gaan.

Apple’s iAd platform zal donderdag gelanceerd worden en bedrijven betalen tot 1 miljoen dollar voor advertenties die dan getoond zouden moeten worden op Apple’s mobiele apparaten. Volgens AdAge moeten de exclusiviteitdeals binnen de verticale markten zelfs tenminste 10 miljoen dollar hebben gekost, (in een verticale markt zit een groep bedrijven die bepaalde specialistmes die zij met elkaar delen gezamelijk aanbieden, om op specifieke vlakken een groter marktaandeel te krijgen). Deze kostbare exclusiviteitdeals zijn waarschijnlijk gesloten door Nissan en Citibank, gezien zij tijdens de lancering de enige merkennamen waren die binnen hun eigen categorie werden gepresenteerd. 

Apple’s reputatie om niets te delegeren veroorzaakt volgens AdAge gedeeltelijk de vertraging die ervoor zorgt dat advertenties nog  niet kunnen worden getoond wanneer het iAd platform gelanceerd wordt:”Dit is deels de schuld van Apple zelf: het bedrijf wilt alle technische aspecten van iAds onder controle houden en wordt zo gedwongen om agentschappen te vertellen dat het 6 tot 8 weken zal gaan duren voordat een advertentiecampagne kan worden gestart.”

En hoewel de iPad het interessantste mobiele Apple apparaat is om op te adverteren, zullen iAds daar waarschijnlijk pas in november hun debuut kunnen maken.

Het is opmerkelijk dat adverteerders toch gewoon in de rij staan om van deze service gebruik te maken.

Het lijkt erop dat Steve Jobs’ opschepperij over de mogelijkheden van iAd niet tot dovemansoren gericht was.

Apples indrukwekkende budgettering van 60 miljoen dollar bestaat niet uit bestaande mobiele advertentie budgetten die voorheen elders werden besteed en nu voor Apple worden gereserveerd. AdAge stelt dat budgetten voor andere digitale advertenties, TV reclame en zelfs voor PR campagnes worden verlaagd, om iAds te kunnen betalen. Vanwaar deze hoge interesse in mobiele advertenties? Omdat merknamen denken dat Apple iets zal laten zien waar nog niemand anders aan gedacht heeft.  Er is echter wel reden om aan te nemen dat ook dit mobiele advertentie format snel zal worden genegeerd. Volgens een studie, die Ball State University recentelijk heeft gepubliceerd, storen de meeste studenten zich heel erg aan mobiele advertenties. Als mobiele advertentieformats om die reden dezelfde weg op gaan als de andere digitale advertentieformats, dan zal de advertentieblindheid voor mobiele advertenties niet lang op zich laten wachten.

Maar Apple beloofd iets anders. Zelfs als blijkt dat Steve Jobs niet de hele digitale advertentiemarkt nieuw leven in kan blazen, zullen veel adverteerders toch verwachten dat Apple een goede invloed zal hebben op de markt voor mobiele adverteerders:”Ieder merk dat hier aan mee gaat doen wordt direct in verband gebracht met Apple,” liet Darrell Whitelaw, hoofd design van mobile shop MIR, die Citi’s iAds ontwerpt, aan AdAge weten. “Het zorgt gelijk voor een geloofwaardig imago en het maakt je cool. Jij staat op de nieuwe iPhone 4; het is de enige echte manier om je merk in verband te brengen met dat leuke kleine Apple logo.”

 bron: econsultancy.com

Overheid raadpleegt burger over ACTA-verdrag

De Nederlandse overheid vraagt burgers via een internetconsultatie om hun reactie op ACTA. Dat internationale handelsverdrag bevat verregaande maatregelen tegen internetpiraterij.

Op www.internetconsultatie.nl is de volledige versie gepubliceerd van de huidige onderhandelingstekst van de Anti-Counterfeiting Trade Agreement (ACTA). Tot 15 augustus kunnen belanghebbenden (bedrijven zoals telecomoperators en internetproviders) en particulieren hun mening geven, openbaar of privé als dat gewenst is.

De al in april naar buiten gekomen ACTA-tekst heeft voor veel onrust gezorgd. De ophef over het antipiraterijverdrag is al voor april begonnen, toen delen van de tekst uitlekten. Met het handelsverdrag wordt niet alleen gepoogd fysieke namaak en piraterij van producten aan te pakken, ook copyrightinbreuk op internet staat op de agenda.

Three strikes

Gevreesd wordt dat ACTA ertoe leidt dat frequente online schenders van auteursrechten van het internet afgesloten worden, het zogeheten ‘three-strikes and you’re out’-beleid. Internetproviders worden dan verantwoordelijk gesteld voor het monitoren van internetverkeer en daarmee voor het opsporen van auteursrechteninbreuk.

De nu aangekondigde consultatie door de Nederlandse overheid past volgens het kabinet in het al eerder geuite streven van de minister van Economische Zaken om de ACTA-onderhandelingen transparant te laten verlopen. “Dat zorgt voor draagvlak en maakt inzichtelijk waar alle betrokken voor staan en wat hun doel is, met als uiteindelijk doel een succesvol akkoord.” Tot op heden is ACTA vooral een ‘achterkamertjesverdrag’; zowel de onderhandelingstekst zelf als de bijeenkomsten en standpunten van de betrokken landen zijn geheim gehouden.

Niet aan tafel

Overigens zit Nederland zelf niet aan de onderhandelingstafel bij het ACTA-verdrag. De Nederlandse overheid staat buitenspel, want de Europese Unie treedt op namens de lidstaten. Verder nemen initiatiefnemers Japan en de Verenigde Staten deel aan de onderhandelingen, naast ook Australië, Canada, Marokko, Mexico, Nieuw-Zeeland, Singapore, Zuid-Korea en Zwitserland. De volgende onderhandelingsronde is nu net begonnnen in Zwitserland. De onderhandelaars hopen ACTA eind 2010 af te ronden.

Onduidelijk is hoe en of reacties uit de Nederlandse internetconsultatieronde de ACTA-onderhandelingstafel bereiken. Een woordvoerder van Economische Zaken gaat niet direct in op die vraag per mail. “Op een later tijdstip wordt op de centrale website een verslag op hoofdlijnen geplaatst. In dit verslag staan de resultaten van de internetconsultatie op hoofdlijnen en wordt aangegeven hoe wij met deze resultaten zijn omgegaan. Wanneer dat precies zal zijn, is nog niet te zeggen. Dat is afhankelijk van de voortgang van de ACTA-onderhandelingen.”

bron: webwereld.nl

EU-privacygroep: cookiepermissie niet via browser

Opt-out is niet afdoende om de nieuwe cookierichtlijnen na te leven, vindt de EU-privacywerkgroep. Cookies uitschakelen via de browsersinstellingen is voor veel internetgebruikers te moeilijk

Actieve toestemming van de internetgebruiker voor het gebruik van cookies is vereist, schrijft de Artikel-29 werkgroep, een gezamenlijk orgaan van nationale privacytoezichthouders dat wordt voorgezeten voor CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm. De groep heeft een 24 pagina’s lange opinie (pdf) geschreven over de EU-richtlijn die het gebruik van cookies aan banden legt. Over deze richtlijn is nu veel te doen in Nederland.

De Artikel-29 werkgroep vindt niet dat de browserinstellingen afdoende zijn om toestemming te geven van cookies. Sommige critici van de verscherping van de cookieregels voeren juist aan dat browsers al voldoende middelen bieden om cookies te weigeren. De EU-privacywaakhond is het daar niet mee eens. De huidige situatie voor toestemming van cookies is, gezien de standaardinstellingen van browsers, een opt-out beleid. De Artikel 29-werkgroep stelt dat een opt-in methode gebruikers meer keuze biedt.

Elke 12 maanden cookie vernieuwen

Wel vindt de werkgroep dat een al te stugge cookieregeling, zoals adverteerders vrezen, niet werkbaar is. Als internetgebruikers een cookie van een advertentienetwerk accepteren, dan geven ze toestemming aan alle sites waar dat netwerk actief is. De Europese privacygroep stelt wel twee beperkingen voor. Deze toestemming moet iedere 12 maanden verlengd worden door de gebruiker, en op ieder moment opzegbaar zijn.

Ook roepen de Europese privacytoezichthouders, waaronder het College bescherming persoonsgegevens (CBP), advertentienetwerken en browserontwikkelaars op simpele en effectieve mechanismen te ontwikkelen. Daarnee moeten internetgebruikers dan ondubbelzinnige toestemming kunnen geven voor online adverteren op basis van hun surfgedrag (behavioural advertising).

Toegespitste advertenties

Cookies zijn kleine bestanden die informatie verzamelen over individueel surfgedrag en die kunnen dienen om gebruikers speciaal op hen toegespitste advertenties voor te schotelen. Eind 2009 nam Europa een richtlijn aan die websites verplicht voortaan duidelijk en “zo gebruiksvriendelijk mogelijk” permissie te vragen voor het plaatsen van cookies. Lidstaten moeten de nieuwe regels uiterlijk mei 2011 in wetgeving verankerd hebben.

De precieze invulling van de richtlijn is voer voor veel speculatie. Betekent de richtlijn dat website-eigenaren voor iedere cookie toestemming moeten vragen? Of dat internetgebruikers alleen geïnformeerd hoeven te worden, zodat ze cookies via de browserinstellingen zelf kunnen uitschakelen?

Sommige adverteerders opperen dat de browsersinstellingen voldoende zijn om uitvoer te geven aan de Europese richtlijn. De optie om cookies te blokkeren ligt er immers al, dus toestemming voor het gebruik van cookies ligt in die keuze verscholen, argumenteren zij.

Browserinstellingen

Volgens de Artikel-29 werkgroep zijn browsersinstellingen niet afdoende om in te stemmen met cookies, omdat gemiddelde gebruikers zich niet bewust zijn van behavioural advertising. “Ze zijn niet altijd bewust van hoe browserinstellingen gebruikt kunnen worden om cookies te weigeren”, schrijft de werkgroep.

Adverteerders en online uitgevers hebben de interpretatie van de Artikel-29 werkgroep direct afgewezen. In een verklaring protesteren het Internet Advertising Bureau Europe, de European Publishers Council en andere belangengroepen. Een opt-in voor iedere cookie, zoals de werkgroep stelt, is anti-bedrijfsleven en onrealistisch, stellen zij in hun schriftelijke reactie.

“Dit is een veel te strikte interpretatie van de ePrivacy-richtlijn”, zegt Angela Mills Wade, executive director van de European Publishers Council. Als de lidstaten dit volgen, wordt elke kans van media op online businessmodellen en omzet daaruit de nek omgedraaid, stelt ze.

Ondubbelzinnig

In Nederland deed een eerste conceptversie van een nieuwe cookieregeling al veel stof opwaaien. Daarin stond namelijk dat websites “ondubbelzinnig” toestemming moeten vragen voor het plaatsen van cookies. In het nieuwe – nog niet gepubliceerde – conceptwetsvoorstel is het woord “ondubbelzinnig” verwijderd, bleek vorige week.

Bron: WebWereld.nl

Reputatieschade EPD blijkt grootste zorg overheid

Het ministerie van Volksgezondheid vindt een slechte reputatie van het EPD een veel groter risico dan hacking. Laatstgenoemde zou afgedekt zijn door de beveiliging, waarbij de overheid erop vertrouwt dat die geheim blijft.

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) maakt zich in een risicoanalyse duidelijk zorgen over het elektronisch patientendossier (EPD). De zorg betreft niet het risico van hacking en daarmee het uitlekken van privacygevoelige informatie, maar de mogelijke beschadiging van de reputatie van het EPD. Van de 32 grote risico’s krijgt “(on)gegronde kritiek vanuit de politiek, patiëntenverenigingen, gebruikers, etc.” de vijfde plaats.

Hacking op 19e plek risico’s

De kans dat het project wordt aangemeld bij het meldpunt voor geldverslindende ict-projecten komt op nummer zeven. Grootschalige aanvallen op de infrastructuur, ongeautoriseerde toegang en het falen van beveiligingssysteem PKIOverheid komen respectievelijk op een 19de, 25ste of 28ste plaats.

Dat blijkt uit documenten, die Webwereld en Medisch Contact in handen hebben gekregen met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De angst voor reputatieschade komt ook terug in de rangorde van risico’s. Zo staat het falen van de UZI-pas omschreven als: “Werking UZI-pas via infrastructuur niet juist, waardoor ongeautoriseerde personen toegang hebben tot patiëntinformatie (bijvoorbeeld journalist of medewerkers bekijken dossier bekend persoon).”

‘Positief brengen’

De oplossingen die de ambtenaren aandragen, liggen dan ook voor de hand. Voor problemen die op het conto van de UZI-pas worden geschreven, is er de beheersmaatregel: “Snelle, degelijke analyse maken van issue, zodat zsm helder is waar het probleem echt ligt. Verder de UZI-pas positief onder het voetlicht te brengen en onterechte mythes te ontkrachten.” Dit is een analyse- en pr-advies dat meerdere keren bij de beheersmaatregelen wordt herhaald.

In een high speed risicoanalyse worden de risico’s van incidenten langsgelopen, waarbij er een prominente plaats is voor het “reputatierisico”. Zo schat het ministerie de kans hoog in dat er daadwerkelijk misbruik zal worden gemaakt van webformulieren, waardoor bijvoorbeeld persoonlijke gegevens in onbevoegde handen komen. Veel van de aanvallen zijn volgens de opstellers van de EPD-documenten dan ook gericht op het zoeken van publiciteit.

Toegang tot goede informatie zwakke schakel

Uit de lijsten wordt verder duidelijk dat er groot risico op uitval van systemen of toegang tot is. Zo is het grootste risico dat zorgverzekeraars verkeerde informatie rond BSN’s (BurgerServiceNummer) aanleveren. Storingen op het netwerk vormen het tweede grote risico. Ook vreest men de kans dat systemen na een update van Windows niet meer zullen functioneren.

Het gevolg van problemen met de infrastructuur is dat artsen niet meer bij de medische gegevens kunnen. Daarbij sluiten de opstellers van de risicoanalyse in hun top tien ook niet uit dat er een grootschalige DoS-aanval wordt uitgevoerd of dat er problemen met de UZI-pas optreden.

Security through obscurity

Opvallend is dat enkele passages niet openbaar worden gemaakt. Bij de inwilliging van het wob-verzoek wordt door de ondertekenende secretaris-generaal gemeld: “Ik ben namelijk van oordeel dat openbaarmaking van de betreffende passages zou kunnen leiden tot onevenredige benadeling van bij het Elektronisch Patiënten Dossier (EPD) betrokken natuurlijke personen, rechtspersonen of derden onder meer vanwege het feit dat de passages gevoelige informatie bevatten omtrent de beveiliging van het EPD.”

“Indien deze informatie zou worden geopenbaard, zou de veiligheid van het EPD niet kunnen worden gegarandeerd met alle risico’s van ongewenste openbaarmaking van bijzondere persoonsgegevens van dien.” En ook dat zou leiden tot reputatieschade voor het elektronische patientendossier.

In de beveiligingsindustrie wordt deze aanpak over het algemeen beschouwd als ‘security through obscurity’, waarbij het geheim houden van de beveiliging de sleutel tot de beveiliging vormt. Faalt die geheimhouding dan is daarmee ook de beveiliging gecompromitteerd. Autoriteiten op het gebied van beveiliging, zoals Bruce Schneier, zien dergelijke beveiliging als onvoldoende. De werking van dit principe werd in 1883 ook beschreven door de bekende cryptograaf Auguste Kerckhoffs.

Uw verslaggever is een bezwaarprocedure gestart om de risico’s die het EPD voor burgers vormt beter in kaart te kunnen brengen.

Bron: WebWereld.nl

Facebook indexeert zoekresultaten aan hand van voorkeuren

Facebook heeft met de bekendmaking van nieuwe details rond het gebruik van de Open Graph-techniek de oorlog verklaard aan zoekgigant Google.

De zoekresultaten in de zoekmachine op Facebook.com worden door middel van Open Graph aangepast aan de hand van de voorkeuren van Facebook-gebruikers.

Op deze manier moeten de resultaten meer overeenkomen met de wensen en voorkeuren van mensen en zouden zoekresultaten relevanter moeten worden.

Onder andere Google bepaalt de relevantie van websites aan de hand van het aantal links naar de pagina. Facebook doet dit nu dus aan de hand van voorkeuren via de Open Graph-techniek.

Open Graph

Open Graph is een technologie om online content te voorzien van metadata: gegevens die de karakteristieken van andere gegevens beschrijven. Bij een filmrecensie kunnen dit bijvoorbeeld de auteur, de datum van schrijven, de taal en de filmtitel zijn.

Zogenaamde Open Graph-tags kunnen door bedrijven en websites worden toegevoegd aan een pagina waardoor ze voor Facebook-gebruikers gemakkelijker vindbaar zijn. Vervolgens kunnen deze gebruikers door middel van de ‘Like’-knop aangeven of ze de pagina leuk vinden.

‘Like’-knop

Facebook verklaarde tegenover Allfacebook.com: “Alle met Open Graph uitgeruste websites zullen in de zoekresultaten opduiken als een gebruiker via de ‘Like’-knop heeft laten weten dat hij of zij fan is van de betreffende pagina.”

Hoe meer gebruikers hebben aangegeven ‘fan’ te zijn van een pagina hoe hoger de pagina in de zoekresultaten zal komen te staan. Het is voor websites en bedrijven dus erg aantrekkelijk hun sites goed te Open Graph-taggen zodat Facebook-gebruikers gemakkelijker kunnen aangeven de pagina leuk te vinden.

Het is vooralsnog niet zo dat veel pagina’s geïndexeerd zijn omdat nog weinig websites gebruik maken van Open Graph-tags. Vanuit commercieel oogpunt kan dit wel aantrekkelijk zijn omdat Facebook ruim 500 miljoen gebruikers heeft.

Bron: NU.nl

Bewaarplicht Zoekmachines

Mede dankzij vijf Nederlandse Europarlementariërs is een resolutie aangenomen waarin wordt gepleit voor uitbreiding van de bewaarplicht van gegevens naar zoekmachines. Dat maakt digitale burgerrechtenbeweging Bits of Freedom (BoF) bekend.

Schriftelijke Verklaring 29, waarin de uitbreiding van de bewaarplicht van zoekgegevens is vastgelegd, is volgens BoF gevaarlijk.

”Bedenk je eens hoeveel persoonlijke informatie een zoekmachine over je heeft. Je zoekt vast wel eens bepaalde personen op, medicijnen tegen gekke kwaaltjes, of andere zaken die je niet met anderen wilt delen”, aldus de organisatie op de website.

Pedofielen

Met de Schriftelijke Verklaring wil het Parlement een Europees alarmsysteem (EAS) tegen pedofielen op de agenda zetten. In de verklaring wordt echter ook gepleit voor uitbreiding van de toepassingssfeer van Richtlijn 2006/24/EG naar zoekmachines (pdf).

Providers moeten volgens die richtlijn een jaar lang opslaan met wie iemand belt, waar de mobiele telefoon van die persoon zich bevindt en wanneer er wordt ingelogd op het internet. Met de uitbreiding naar zoekmachines zouden dus ook de zoekgegevens van een persoon worden opgeslagen.

Volgens BoF trok een groot aantal parlementariërs hun ondertekening in na een oproep van de beweging om de Europarlementariërs te mailen en hen zo te wijzen op het gevaar van de Schriftelijke Verklaring.

Debat

Toch werden meer dan de 369 vereiste handtekeningen verzameld. De Schriftelijke Verklaring is echter niet bindend en er zal nu gedebatteerd worden over het onderwerp.

Eerder deze maand riepen Europarlementariërs Tiziano Motti en Anna Záborská op tot de eerder genoemde uitbreiding. Zij maakten toen bekend dat een bewaarplicht voor zoekmachines ervoor zou zorgen dat “snel en doeltreffend kan worden opgetreden tegen kinderporno en seksueel geweld online.”

Onder de Nederlandse europarlementariërs die de verklaring ondertekenden waren drie CDA’ers, een Europarlementariër van de ChristenUnie en een van de SGP.

Bron: NU.nl

Online Leadgeneration Event 2010 – 22 juni Business University Nyenrode

Op dinsdag 22 juni wordt het Online Leadgeneration Event voor de 4e keer georganiseerd. Deze keer zoomen we in op Return on Investment (ROI) en bespreken experts met u hoe online leadgeneration in 4 stappen ROI kan zijn!

Het Online Leadgeneration Event geeft u praktische tips en tools waarmee u direct aan de slag kunt. Speciaal bedoeld voor alle professionals die op zoek zijn naar nieuwe klanten: leads. In het bijzonder marketing en sales professionals, business developers en ondernemers.

Online Leadgeneration experts bespreken met u de volgende thema’s :

  • Kies de juiste online leadgeneration middelen voor uw product
  • Hoe maakt u online leadgeneration meetbaar?
  • Leer hoe u de conversie op online leadgeneration middelen kunt versnellen
  • Ontmoet online leadgeneration experts en stel hen persoonlijke vragen in een 5 minuten Q&A-speedconsult sessie

In één middag alle tips & tricks over online leadgeneration en het werven van potentiële klanten?

Schrijf u dan nu in voor het Online Leadgeneration Event op 22 juni in Breukelen op de Business University Nyenrode.

bron: leadgenerationevent

Twitter Places

Gisteren heeft Twitter de nieuwe feature Twitter Places aangekondigd. De nieuwe  feature zal toegepast worden op zowel twitter.com als mobile.twitter.com, en in de loop van de week beschikbaar worden gesteld aan de Twitter gebruikers in 65 landen.

place_tweets_1

Twitter Places, in een notendop, toont iedere locatie op een Twitter pagina. Voorlopig is deze pagina — die je kunt bereiken door op “Tweets about this place” / ”Tweets over deze locatie” te klikken: zie het plaatje hierboven — alleen maar een zoekresultaten pagina die tweets en check-ins toont.

Gebruikers kunnen tweets toevoegen aan een Twitter Place, bijvoorbeeld aan een bedrijf, een museum, of een stadion (zoals in het voorbeeld getoont).

Om Twitter Places te kunnen gebruiken zul je de “tweet with your location” / “tweet met jouw locatie” feature moeten activeren, en vervolgens klik je op “Add your location” / “Voeg je locatie toe” onderaan het tekstvak op je Twitter homepage. Hierna krijg je een lijstje met dichtstbijzijnde Twitter Places wanneer je op jouw locatie klikt: tweet-location

Er staat ook een zoekoptie aan de onderkant, en wanneer je jouw huidige locatie niet kunt vinden dan kun je het direct toevoegen aan het Twitter systeem.

Lange-Termijn Implicaties

Zoals er eerder al werd aangegeven kun je via de “Tweets about this place” / “Tweets over deze locatie” link, alleen maar een zoekresultaten pagina krijgen met daarin tweets en check-ins vanaf de betreffende locatie.

Maar er is meer dat je met Twitter kunt doen.

Twitter Places is geintergreert met Foursquare en Gowalla, en Twitter rept over “key data partnerships” met Localeze en TomTom. In andere woorden: zelfs voordat de Twitter Places feature wijdverspreid in gebruik zal worden genomen is er al een rijke database met locaties in Twitter’s systeem. Het ziet ernaar uit dat iedere locatie een eigen indentitieitsnummer heeft; zoals je kunt zien in deze zoekresultaten van search.twitter.com die het Twitter hoofdkantoor indentificeerd met een enkele ID code:

twitter-places-2

Met dat in het achterhoofd kun je het volgende overdenken: net zoals Google Places die iedere locatie op Google Maps zijn eigen pagina geeft, zal Twitter Places precies hetzelfde kunnen doen binnen Twitter ecosysteem (een idee waar Steve Espinosa ruim een jaar geleden mee op de proppen kwam). In plaats van dat iedere Twitter Place alleen maar tweets en check-ins zal gaan tonen van de betreffende plaats, kan Twitter ook de mogelijkheid bieden om een bedrijf-, of locatie profiel aan te maken. Zijn projectpartners — Localeze, Foursquare, Gowalla en TomTom — hebben genoeg data die Twitter zou kunnen gebruiken. Twitter kan real-time aanbieder worden van mond-tot-mond reclame over bedrijven, terwijl andere aanbieders alleen de zakelijke basisinformatie bieden, zoals routes, check-in/activiteiten trends, en dergelijke.

Twitter zal minimaal iets kunnen maken dat zal zweven tussen een aanvulling of een alternatief voor Google Place Pages.

Maar het zou Google ook kunnen beconcureren. Gebruikers zouden meer vertrouwen kunnen gaan krijgen in Twitter Places pagina´s, voor hun up-to-the-minute bedrijfsinformatie (inclusief met de laatste tweets en check-ins), dan dat zij hebben in een Google Places Page — waarvan veel pagina´s reviews tonen die meer dan een maand oud zijn. Ondernemingen die veel real-time communiceren en check-ins gebruiken kunnen zelfs geinteresseerd raken in Twitter Places als een marketing tool, boven het gebruik van Google Places Pages.

Google heeft al eens geprobeert om zakelijke informatie en landkaarten te combineren binnen een real-time context met Google Buzz op Maps, maar na een slecht uitgevoerde lancering, is Buzz uiteindelijk genegeert door het grote publiek. Twitter heeft hiermee veel meer momentum dan wat Google heeft met Buzz.

De olifant in de porseleinkast is natuurlijk Facebook. Zij heeft een inmens grote gebruikersbasis en veel specifieke informatie over haar gebruikers, en er is een groeiend aantal ondernemingen al hard bezig met de marketing op dit platform. Er zijn geruchten dat Facebook grote plannen heeft met locatiegerichte informatie, maar de lopende privacy problemen kunnen het planproces tegen houden.

bron: searchengineland

4 tips waarmee je kunt zien wie er op sociale netwerken actief zijn

Hier staan 4 manieren om je klanten te volgen binnen sociale netwerken:

1. Huur een spion Bedrijven als Flowtown en Rapleaf zijn leiders in de groeiende branch van sociale anthropology.

Geef hen een lijst met daar in de email adressen van je klanten en zij zullen tegen betaling voor je uitzoeken wie er op Twitter, Facebook, Linkedin en de andere sociale netwerken zitten, wat ze leuk vinden en meer van dit soort informatie.

 4 Detective Tricks to Find Your Customers in Social Media

2. Vraag het ze Heb je een contactformulier, nieuwsbrief, winkelwagen, of iets dergelijks op je website staan, dan kun je veel meer vragen dan alleen naam, adres, en email adres. Voeg dan minimaal datavelden toe voor Twitter, Facebook en Linkedin informatie.

3. Email gedrag Heb je links in je emails staan die leiden naar sociale netwerken? Heb je jouw email ontvangers de mogelijkheid gegeven om inhoud te delen op Twitter, Facebook, Digg en meer van dit soort services? Wanneer je regelmatig mailingen de deur uit stuurt, dan moet je email combineren met sociale netwerken.

De meeste grote email providers geven je de mogelijkheid om opties toe te voegen aan jouw emails die je ontvangers de mogelijkheid geven om contact te leggen met sociale netwerken. Je kunt dan een analytische rapportage maken die toont wie van hun er op je Twitter link, en / of op gedeelde inhoud op Facebook heeft geklikt.

4. Stalken met Gmail Twitter, Facebook en andere sociale media hebben functies toegevoegd die je kunnen tonen of je Gmail contacten gebruik maken van hun services, en zij nodigen mensen uit om met jou in contact te komen. Hoewel deze functies bedoeld zijn voor persoonlijk gebruik kun je ze best toepassen voor zakelijke redenen.

Zo doe je dat:

  • Allereerst maak je een lijst aan met de email adressen van je klanten die in een .csv bestand komen (je hebt alleen de email adressen nodig;  geen namen, postadressen en dergelijke)
  • Vervolgens maak je een gratis account aan op gmail.com, die je alleen hier voor zal gaan gebruiken (je wilt hier voor geen bestaand Gmail account gebruiken)
  • In deze derde stap upload je het .csv bestand naar jouw Gmail account gmail detective 4 Detective Tricks to Find Your Customers in Social Media
  • Nu ga je naar Twitter en daar maak je ook een geheel nieuw account aan met behulp van je bijzondere Gmail email adres. In stap twee van de Twitter registratie procedure, “Find Your Friends” / “Vind Je Vrienden”, selecteer je Gmail. Twitter leest vervolgens automatisch alle email adressen die je in Gmail hebt opgeslagen, zodat je de klanten uit je adressenlijst die op Twitter staan kunt tellen en kunt gaan volgen. twitter 4 Detective Tricks to Find Your Customers in Social Media
  • Als laatste maak je een nieuw Facebook account aan met je nieuwe Gmail adres. In stap 1, “Find Friends” / “Vind Vrienden”, van de Facebook registratie, geef je aan dat je een Gmail account hebt, en volg je de instructies. Alle klanten die op Facebook staan krijg je vervolgens op een rij, en je zou nu “vrienden” van hen moeten kunnen worden met een enkele klik. facebook detective 4 Detective Tricks to Find Your Customers in Social Media

Zo kan het zijn dat er blijkt dat er van de 2.000 abonnees op jouw email nieuwsbrief, er zich 1.000 op Twitter bevinden, en dat er 500 op Facebook actief zijn. Dit kom je te weten in een half uurtje, en deze informatie hoeft je niets te kosten.

bron: convinceandconvert

Google Earth 5.2 doet wandel,- en fietsroutes

Vandaag heeft Google Eartheen nieuwe editie uitgebracht van haar desktop applicatie die wandelaars, renners en fietsers zeer zullen waarderen. Ze noemen het Google Earth 5.2. Eén van de nieuwe features laat je een fiets-, of wandelroute maken op basis van geo-data vanaf een GPS apparaat. De visualisatie laat je de snelheid, klimhoogte, en andere statistieken tonen van een route, die je vervolgens als een animatie kunt tonen in Google Earth.

Als je nog specifiekere informatie verzameld tijdens het volgen van jouw route, zoals je hartslag of andere lichamelijke metingen, dan kunnen deze statistieken aan de onderkant van het scherm als overlappende grafiek worden getoont. Het wachten is op een smartphone fitness applicatie dat gebruik gaat maken van deze functies.

Een nieuwe feature in Google Earth is de mogelijkheid om het programma binnen een gewone internetbrowser te lanceren vanuit de desktop applicatie. Hopelijk heeft Google Earth hiermee een eerste stap gezet richting een volledig online bestaan.

Hier zie je een filmpje van Google Earth productmanager Peter Birch, die de route toont van de fietstocht naar zijn werk.

bron: techcrunch

Volg ons!

Twitter

Categorieën