Digital direct marketing blog
Archive for September, 2010
Klant wil contact via e-mail of post
Als bedrijven contact zoeken met consumenten, kunnen zij dat het best doen via e-mail of geadresseerde post.
De consument heeft een sterke voorkeur voor direct contact via e-mail en geadresseerde post. Dat blijkt uit de eerste aflevering van het Trendonderzoek Dialoogmedia op initiatief van DDMA in samenwerking met onderzoekspartners 2organize en ANWB Media.
Het onderzoek (uitgevoerd door Synovate en te verkrijgen bij de DDMA) richt zich op zes bedrijfssegmenten: energiebedrijven, mediabedrijven, goede doelen, financiële instellingen, toeristische bedrijven en telecom- en internetbedrijven. Folders en e-mail zijn de meest ingezette kanalen bij dialoogmarketing. Daarbij zijn wel verschillen zichbaar. De meest fanatieke folderaars zijn telecom- en internet bedrijven (gemiddeld 33,6 keer per jaar), terwijl ook toeristische bedrijven en financiële instellingen veel folders verspreiden.
De hoge score voor e-mail is sterk beïnvloed door toeristische bedrijven (met gemiddeld ruim 44 contacten per jaar). Ook mediabedrijven en financiële instellingen mailen iets vaker dan gemiddeld. Goede doelen en mediabedrijven versturen meer dan gemiddeld geadresseerde folders. Verder zoeken ze de klant ook vaak op straat op. Goede doelen en financiële instellingen maken opvallend veel gebruik van de telefoon als contactkanaal.
Het benaderen van consumenten via het online profiel gebeurt sporadisch. Ook de mobiele telefoon wordt nog weinig ingezet. De meest fervente gebruikers van dit kanaal zijn financiële instellingen en telecom- en internet-bedrijven.
Effectiviteit
Behalve naar de mate waarin branches gebruikmaken van de verschillende kanalen, is ook gekeken naar de effectiviteit van deze inzet. Voor energiebedrijven is telefonische werving de meest effectieve manier om klanten te werven: 21 pct van de ondervraagden geeft aan naar aanleiding van een telefonisch contact ‘wel eens’ te zijn gewisseld van energieleverancier. Op ruime afstand volgen verkoop aan de deur (15 pct), straatverkoop (9 pct) en geadresseerde post (8 pct). Voor het werven van abonnees zijn e-mail, telefoon en internet effectief: 17 pct van de ondervraagden zegt wel eens een abonnement te hebben genomen na contact via een van deze kanalen. Ook geadresseerde post (16 pct), straatverkoop en folders doen het goed.
Meer vandaag in Adformatie.
OnderzoeksrapportHet onderzoeksrapport is medio oktober 2010 beschikbaar.
Bestellen bij Jonneke Prinsen (Onderzoek DDMA): jonnekeprinsen@ddma.nl,
023-4528413
Kosten DDMA-leden: € 95,-
Niet-leden: € 350,-
Email Marketing: de foute email
De foute email:- toont geen bevestiging van de ontvanger om verstuurd te mogen worden
- wordt verzonden binnen een onjuiste mailingfrequentie en op een ongunstig moment
- bevat weinig overtuigingskracht door een zwakke inhoud, format en boodschap
- is onderdeel van een marketingstrategie die zich alleen richt op email
- houdt geen rekening met het gebruik van mobiele apparaten
- is geschreven in een organisatie-naar-klant structuur
- maakt geen gebruik van werkelijke interactiviteit
- bevat rode kruisjes in plaats van afbeeldingen
- blijft dezelfde advertentietypes hanteren
- begint met een flauw welkomstbericht
- kent een ineffectieve segmentatie
- heeft een lage responsratio
Google SEO Startersgids 2010
In november 2008 had Google een 22-pagina’s dikke PDF gids voor SEO uitgebracht. Google heeft de gids net geupdate.
Google heeft een index, afbeeldingen en informatie over optimaliseringstechnieken voor mobiele apparaten toegevoegd. Verder is de tekst aangepast om het wat makkelijker leesbaar te maken.
Zoekmachine Marketing Mythes
Zoekmachine marketing is een vakgebied dat relatief kort bestaat. Ieder jaar komen er meer geruchten bij, die, als ze wáár zouden zijn, goed zouden zijn voor zoekmachine optimalisatie. Sommige van deze geruchten zijn voor een deel gebaseerd op werkelijkheid doordat ze uitvoerig zijn getest. Anderen zijn wijd verspreid waarbij het effect van de betreffende zoekmachine marketing actie maar moeilijk is aan te tonen. Weer anderen zijn pure mythes, die misschien in het verleden hebben gewerkt, maar al lang zijn achterhaald door een aanpassing in de algoritmen. Onderstaande 5 zoekmachine marketing mythes zijn voor beginnende online marketeers en voor marketingafdelingen die nog weinig kennis hebben van online marketing en zich willen verdiepen in zoekmachine marketing. Vijf zoekmachine marketing mythes op een rijtje, die tot de prehistorie van het internettijdperk zouden moeten behoren:
1. ‘U moet uw website aanmelden om opgenomen te worden door de zoekmachine.’ Zoekmachines gebruiken steeds geavanceerdere technieken om websites op te sporen. Eind jaren 90 had het zeker nut had om uw website aan te melden bij de zoekmachine om geïndexeerd te worden. Tegenwoordig is het aanmelden bij een zoekmachine absoluut overbodig. Veel links van andere websites naar uw website (backlink) heeft wel een positieve werking. Het zorgt ervoor dat u eerder terugkeert bij uw website, dan wanneer de website geen backlinks ontvangt.
2. ‘Google is de enige zoekmachine.’ Hoewel Google in Nederland veruit het grootste gedeelte van de zoekmachine markt bezit (meer dan 90% ), is Google absoluut niet de enige zoekmachine. In Nederland hebben onder andere Bing en Yahoo! nog een klein marktaandeel. Houd hier mee rekening bij de optimalisatie van uw website De marktaandelen kunnen fors verschillen. Zo heeft in de Verenigde Staten Google een marktaandeel van *71,7%, Yahoo! *14,4% en Bing *9,9%. *Bron: Nownederland.nl (cijfers over juni 2010)
3. ‘De META Keywords bevorderen de rankings in de organische zoekresultaten.’ Hoewel Google 10 jaar of zelfs langer terug deze tag heeft meegewogen in zijn algoritmen heeft grootschalig misbruik er toe geleid, dat de META Keyword tag al jaren zeker niet meer worden meegewogen. Het volstoppen van de META Keyword tag met keywords wordt gezien als misbruik. In extreme gevallen kan dit tot een penalty leiden. Zeker is in ieder geval dat ze geen enkele SEO-waarde vertegenwoordigen voor Google. De META Keyword tag had oorspronkelijk zelfs de tegenovergestelde functie, dan waar men deze jarenlang voor heeft gebruikt. De META Keyword tag diende om keywords aan te geven waar de pagina ook relevant voor was, maar die niet op de pagina waren terug te vinden. Bekijk hier eens welke META-tags er nog wel toe doen.
4. ‘Om de zoekmachine toegang te verlenen is de Robot tag ‘index, follow’ nodig.’ De zoekmachine negeert deze Robot tag, omdat de zoekrobot van Google er vanuit gaat dat hij de webpagina mag volgen en indexeren, tenzij hiertegen bezwaar wordt gemaakt. De Robot tag ‘index,follow’ heeft dus geen effect, maar de Robot tag ‘noindex,nofollow’ bijvoorbeeld wel. Bij optimalisatie kan het gebruik van de Robot tag nuttig zijn door op pagina niveau te aan de zoekmachine te communiceren of de pagina geïndexeerd mag worden of niet.
5. ‘Linken naar Google is positief voor de positie in de organische zoekresultaten.’ Google neemt in de beoordeling van je website niet of nauwelijks mee naar welke website uw website linkt, maar wel welke website er naar uw website linkt. Ook het linken naar andere autoriteiten zal uw positie in de resultaten van de zoekmachine niet of nauwelijks beïnvloeden. Indien u naar discutabele websites linkt kan dat wel een negatief effect hebben op de positie in de zoekresultaten van de zoekmachine. Met interne links kan de waarde van de pagina’s op de website goed onderling gedistribueerd worden.
Bron: marketingfacts.nl
Vonnis tegen suggesties
Een Franse rechtbank heeft Google veroordeeld wegens laster in de resultaten van zijn Suggest-functie, bij intypen van de naam van een verdachte.
Google’s functie die automatisch zoektermen aanbeveelt op basis van ingetypte woorden, stelde de woorden ‘verkrachter’ en ‘satanist’ voor bij het invoeren van de naam van de klager. Dat blijkt uit een eerder deze maand uitgesproken vonnis door een Parijse rechtbank. De uitspraak werd dit weekend openbaar gemaakt door een Franse juridische website, meldt het Franse persbureau AFP.
MaatregelenDe rechter veroordeelde Google en zijn bestuursvoorzitter Eric Schmidt tot het betalen van een symbolische schadevergoeding van 1 euro en tot het nemen van maatregelen om herhaling te voorkomen. De zoekmachine moet ook de juridische kosten van de klager, zo’n vijfduizend euro, betalen.
De klager in deze zaak is eerder veroordeeld tot een celstraf van drie jaar wegens een zedenmisdrijf, maar die uitspraak is nog niet definitief, omdat de verdachte in beroep is gegaan. Volgens de rechtbank is er daarom sprake van laster, doordat Google de naam van de persoon linkt aan de term ‘verkrachter’.
Hoger beroepEen Google-woordvoerder zegt tegenover AFP dat het bedrijf in hoger beroep gaat. Volgens Google is de Suggest-functie niets anders dan een weergave van de termen die het meest zijn gebruikt in combinatie met de ingevoerde woorden. Google zegt geen invloed te hebben op de suggesties.
Bron: webwereld.nl
Linkbuilding: 4 dingen die je beter niet kunt doen
Linkbuilding is een effectieve manier om je website te promoten. Door andere websites zoveel mogelijk naar jouw site te laten linken krijg je meer bezoekers en wordt je website hoger geplaatst in de zoekmachine resultaten ranglijst (Search Engine Ranking Page). Met het oog op de toekomst is het verstanding om alvast rekening te houden met de wensen van Google. Wat moet je vooral niet doen, om ervoor te zorgen dat Google je straks niet straft omdat je op een ongewenste manier bezig bent geweest met linkbuilding?

Plaats geen irrelevante verwijzingen in blogberichten
Wanneer je een spam rapportage bekijkt van een blog, dan zie je er vaak reacties tussen staan die daar lijken te horen, maar die irrelevante hyperlinks bevatten. Hier zie je daar een voorbeeld van:

Hoewel het plaatsen van een link in een blogreactie helpt om hoger te eindigen in de zoekresultaten, kunnen populaire bloggers beter niet op deze manier backlinks laten plaatsen, omdat het op langere termijn de reputatie schaadt. Door een link te plaatsen in een reactie kom je over als een spammer, niet als iemand die vertrouwd kan worden.
Links kopen

Links kopen is voor veel webmasters een geliefde bezigheid. Wanneer je even een blik werpt op het Digital point forum, dan zul je snel mensen vinden die linkplekken kopen en verkopen.
Je kunt hier beter niet aan beginnen:
- Google´s gebruiksvoorwaarden zijn er op tegen. In de Webmaster guidelines die op Webmaster Central staan, heeft Google duidelijk laten weten dat webmasters geen backlinks zouden moeten verhandelen. Soms zijn deze regels niet al te strict, maar we kunnen deze regel beter blijven volgen.
- Een website van een ander is niet te vertrouwen. De website waar je backlinks op koopt ziet er misschien betrouwbaar uit, maar dat is een momentopname. Je weet niet of de website over een maand nog online staat. Wat nog een groter risico met zich mee brengt, is dat de website zou kunnen veranderen in een spamsite of virus-verspreider. En wanneer je daar links op hebt staan, kun je daarvoor zwaar voor gestraft worden door de zoekmachines.
- Inbound links zijn niet divers. Backlinks moeten vanaf zoveel mogelijk verschillende bronnen doorlinken om de pageranking van een website goed te kunnen verhogen. Backlinks die worden verkocht door een enkele bron zijn niet erg waardevol en zonde van je geld.
Links ruilen

Ook wel een ´reciprocal link´ genoemd. Dit is een verbinding die ontstaat nadat je zegt: “Jij linkt naar mij, ik link naar jou.”. Het lijkt op een win-win situatie. Maar er zitten zware consequenties aan voor de mensen die iets weten van zoekmachinemarketing en linkbuilding:
- De ander kan kiezen voor ‘nofollow’. De tag ‘rel=nofollow’ die in een linkstructuur kan worden geplaatst, zorgt ervoor dat degene naar waar de link naar verwijst daar geen zoekmachine optimalisatie (SEO) voordeel uit kan halen.
- De ander krijgt meer verkeer van jou, dan andersom. Dat kan gebeuren. Wanneer jouw blog populairder wordt dan die van een ander, dan krijgt de ander meer PR en verkeer dan jij, zonder hiervoor te betalen.
- De link zorgt voor waardevermindering. Zoekmachines zoals Google hebben een algoritme ontwikkeld waarmee kan worden bekeken of websites links aan het uitwisselen zijn. Deze websites worden daar vervolgens voor gestraft met een lager waardeoordeel.
Link farming technieken

Deze geavanceerde manier van linkbuilding is wijdverspreid en wanneer je geen goede kennis hebt omtrent SEO, zoekmachines en hoe linkbuilding werkt, dan zul je scherpte, tijd, geld en je goede reputatie verliezen.
Link farm technieken draaien om het bouwen van een netwerk aan websites, waarmee je maar 1 doel voor ogen hebt: het maken van backlinks. Je kunt bijvoorbeeld vrij gemakkelijk 20 websites bij verschillende hosts laten draaien, en op die manier bovenaan de zoekresultaten komen te staan. Daarna zet je backlinks in deze websites, en pas je de ‘anchor texten’ aan. Zo zou ‘link farming’ in theorie moeten werken. In de praktijk heb je daar veel meer voor nodig.
Link farming dat gedaan wordt door een professional is tot nu toe moeilijk te ontdekken door een zoekmachine. Inplaats van hier veel tijd en moeite aan te besteden, kun je waarschijnlijk beter een paar goede artikelen schrijven voor op je blog, voor op een ander´s blog of gewoon om te leren hoe je goede artikelen schrijft. Op die manier krijg je honderden natuurlijke backlinks zonder je daar al teveel mee bezig te houden.
Bron: famousbloggers.net
Is zondag de nieuwe dinsdag voor email marketeers?
Onlangs las ik een interessant artikel van Caroline Ruggiero van Marketo. Hoewel sommigen er wellicht van gruwelen, zou zondag zomaar eens een fantastische dag voor publicatie van je email kunnen zijn. Uiteraard, de perfecte dag om je nieuwsbrief of direct mail te verzenden bestaat niet echt, hoewel het buikgevoel van menig email marketeer toch aanstuurt op publicatie op dinsdag. Maar klopt dat buikgevoel wel?
Het artikel roept op een kijkje te nemen in een gemiddeld genomen werkweek waar men maandagochtend begint en men vrijdagmiddag de computer afsluit en het weekend officieel van start is gegaan. Borrel optioneel. Wie te vroeg in de week publiceert loopt het risico dat de mail niet wordt gelezen, of in elk geval geen prioriteit krijgt. Men is gewoon te druk met hun werk om zich te concentreren op je bericht. Maandag wordt vaak gevuld met interne vergaderingen, praatjes over het weekend en mail (dat het hele weekend blijft binnenkomen) wordt gescand op prioriteit. Als je mail al niet wordt weggegooid. Uiteindelijk draait het voor de gemiddelde werknemer om het overleven van de maandag.
Als je er over nadenkt, is de maandag een rare dag om 1/7 van je leven aan te spenderen. Dinsdag tot en met donderdag bieden natuurlijk prima momenten voor publicatie. De mailbox is die maandag daarvoor goed opgeruimd, men zit vaak achter hun computerscherm en daar is toch waar de mail wordt gelezen. Maar de kans blijft groot dat je stoort. En dus weer wordt beschouwd als lage prioriteit. Men heeft niet altijd tijd om te lezen, door te klikken en jouw call-to-action op te volgen. Men is aan het werk. En in het gunstige geval zeer geconcentreerd. Op vrijdag versturen is een prima optie, maar het risico dat je mail toch nog opzij wordt geschoven is groot. Vrijdag is toch een dag van deadlines, werk afronden en je bezighouden met wie je waar wat gaat doen in die twee schaarse vrije dagen. Je bent eigenlijk al opgelucht dat je alle werkgerelateerde mail hebt kunnen opvolgen. Wees eerlijk. Blijven echter nog twee dagen over, waar ik persoonlijk van vind dat je zaterdag geen computer moet aanraken. Daar is de zondag.
Uit een onderzoek van AOL in Amerika blijkt dat 62% van de respondenten hun werk email leest in het weekend. En uit een andere studie blijkt dat 66% graag werkgerelateerde research thuis doet. Het weekend is een 48-uur durend lean-backward-moment, waar men alle tijd heeft om je bericht eens goed te lezen en je call-to-action op te volgen. Ontspannen, alle tijd en belangrijker nog: je wordt niet gestoord door je werk. Ruggiero vertelt ons dat ze persoonlijk het liefste alle mail zondags doorneemt, zodat ze maandag goed beslagen ten ijs komt. Ruggiero: “… maar waarom agendeer je de publicatie van je mailing niet op zondag, zodat je nieuwsbrief bovenaan in je inbox verschijnt, als een versgedrukte zondagkrant. Misschien maakt je doelgroep zich wel schuldig aan het werken op zondag. Zoals ik.”.
Conclusie: neem zondag eens mee in je test. Misschien is zondag wel jouw nieuwe dinsdag…
Betaaldienst of advertenties?
Uitgevers halen steeds moeilijker winsten vanuit het tonen van advertenties. Toch kiezen de meeste uitgevers voor het gratis tonen van informatie, in ruil voor het mogen tonen van reclame.
Het is niet duidelijk of een betaalde dienst winstgevend zal zijn. Het aantal bezoekers zal echter flink gaan dalen wanneer zij moeten betalen voor informatie die voorheen gratis te krijgen was. Voor uitgevers is een groot publiek van levensbelang, waardoor zij liever veelvuldig gebruik blijven maken van advertentieservices.
Uitgevers moeten zich geen illusies maken daar waar het gaat om het tonen van advertenties. Aldus onderzoek dat is uitgevoerd door IABUK. Het onderzoek stelt dat ruim 80% van de internetters meer waarde hecht aan een gratis service met reclame, dan aan een betaalde service zónder reclame. Bezoekers willen niet betalen voor het ontwijken van reclame en het beschermen van hun privacy. Elke euro die een bezoeker in rekening wordt gebracht, zal volgens dit onderzoek gaan zorgen voor 6 euro aan waardevermindering van de betreffende online service.
Advertenties zijn welliswaar irritant, maar consumenten hebben grotendeels geleerd ze te negeren. Waarom zou je betalen voor een reclamevrije ervaring wanneer je zelf goed in staat bent om reclame te blokkeren?
Voor uitgevers is dit een probleem. Ondanks het feit dat de consument meer krijgt dan waar zij voor betaald, kunnen zij hier niets tegen beginnen.
IABUK’s onderzoek stelt dat 40% van de internetgebruikers zelfs zal stoppen met het gebruik van het internet wanneer zij moeten betalen voor de services die nu leunen op advertentie inkomsten.
Enkele grote uitgeverijen hebben bewezen dat het rendabel kan zijn om betaalde online diensten te leveren, maar de markt voor betaalde inhoud is klein en er zijn ook bedrijven die het prima doen op basis van advertentie inkomsten alleen.
Wat moet een uitgever doen om meer te verdienen? Uitgevers, vooral de uitgeverijen van kranten, zouden zich drukker moeten maken om hun kostenstructuur dan om de hoeveelheid potentiële inkomsten die zij mis lopen. Want gratis diensten versus betaaldiensten is een nutteloze discussie wanneer je als uitgever überhaupt niet in staat bent om winstgevend te worden. De waarde van een product wordt immers bepaald door de consument, niet door de producent.
Bron: econsultancy.com
“Vergeet Social Media niet!”
Waarom Social Media niet vergeten mag wordenSocial media wordt vooral gewaardeerd door marketeers. Maar het roept vragen op in alle lagen van een organisatie:
- De directie stelt vragen: “Hoe kunnen we Social Media onderdeel maken van onze strategie? En wie is verantwoordelijk?”
- Marketing mensen vragen: “Hoe kunnen we deze nieuwe kanalen inzetten voor onze boodschap?”
- PR-mensen vragen: “Hoe kunnen we begrijpen en beïnvloeden hoe we als merk worden gezien?
- Verkoop mensen vragen: “Hoe kunnen we nieuwe sales leads vinden?”
Met andere woorden: het zijn veelal de aloude bedrijfeconomische vragen, maar we opereren in een nieuwe omgeving. Een omgeving waar transparantie gevraagd wordt wanneer je succesvol wilt zijn.
Als je voor jouw organisatie verheldering wilt krijgen over de haalbaarheid van een succesvolle inzet van Social Media, dan zou ik beginnen met informatie verzamelen. Die vragen beantwoorden over de mogelijkheden en onmogelijkheden voor je eigen organisatie. Er zijn teveel bedrijven die maar klakkeloos beginnen zonder te weten waar het toe leidt. Kijk maar eens op Twitter. Er zijn veel zakenmensen, die waarschijnlijk hoopvol zijn begonnen met twitteren, maar die met een inactief account geen beste indruk maken. Begin informatie te verzamelen over welke kwesties je klanten het online hebben. Als je een product hebt, zijn er vele vergelijkingssites en fora die over jouw product praten. Wat houdt ze bezig? En wat vertellen de opmerkingen. Stel jezelf de vraag: “Is dit wat ze echt bezighoudt of is dit alleen een online onderwerp?”. Online hebben we namelijk snel onze mening klaar, maar in de praktijk kan dat wel eens anders zijn.
Welke informatie zoeken ze? Waar vinden ze die? Wie zijn de beïnvloeders in de discussie? De ervaring leert namelijk dat op fora slechts 1 to 3% ook daadwerkelijk actief is. De rest reageert alleen maar. Je wilt deze beïnvloeders aan jouw kant hebben. Hoe krijg je dat voor elkaar? Wat voor soort meldingen doen de ronde over ons merk? Wat zeggen mensen over onze concurrentie? Welke sites bezoeken de mensen voor product-, aanbevelingen en vergelijkingen. Waar oriënteren zij zich? Geweldig dat het allemaal te vinden is, maar wat doe je daarmee?
Het klinkt als veel werk en dat is het ook. Maar het goede nieuws is dat er nieuwe sociale media-instrumenten beschikbaar zijn die dit soort informatie monitoren. Ik ga ze hier niet noemen, maar met een gerichte zoekopdracht vind je vele (doorgaans Amerikaanse) applicaties die je verder kunnen helpen. Volgens mij kent iedereen wel de mogelijkheid van Google Alerts, wat is bedoeld voor de privésituatie, maar er zijn talloze instrumenten die veel meer kunnen. Nu heb ik het geluk om achter de schermen van Ematters te kijken om te zien welke instrumenten zij hiervoor gebruiken. Ik kan u melden dat de verfijning in de software ongelooflijk is en het volume van de data die je kunt doorzoeken bijna eng wordt: het loopt namelijk in de miljarden en gaat heel ver. Mogelijkheden genoeg, maar zonder de juiste focus heb je er niks aan. Het is van belang om eerst te weten wat je wilt.
Het is heel eenvoudig: er is een revolutie gaande die organisaties in staat stelt ongelofelijk veel data aan sociale media te ontrekken die ze in al hun verkoop-, en marketinginspanningen kunnen gebruiken.
Gewapend met echte feiten en inzichten over klanten, hun gewoontes, en het sociale media landschap, kunnen mensen binnen een organisatie beter programma’s ontwikkelen die voldoen aan hun zakelijke doelstellingen. Ondanks deze belofte staan veel bedrijven nog aan het begin van deze ontwikkelingen. Men zal eerst binnen de eigen organisatie moeten gaan bepalen welke transparantie vandaag geldt, en waar je als bedrijf naar toe wilt. Social media is niet meer weg te denken. Dus directie, marketing en PR mensen: aan de slag!
Menno Rigterink is manager van commerciële belangen bij Ematters. Ematters is een digital direct marketing company.Nieuwe gebruiksvoorwaarden Google
De algemene voorwaarden vervangen de aanvullende, aparte voorwaarden voor een twaalftal diensten. De overkoepelende voorwaarden zijn nu ook afgeslankt, meldt Google. De vernieuwde versie gaat 3 oktober in en vervangt de voorwaarden die in maart vorig jaar zijn ingegaan.
Opt-out“We vereenvoudigen onze privacy policies om die gebruiksvriendelijker te maken en om beter weer te geven hoe onze producten samenwerken”, aldus de FAQ over deze verandering. Gebruikers die niet akkoord gaan, kiezen ervoor niet langer de diensten van de internetreus te gebruiken. Voor export van eventueel daarin opgeslagen informatie verwijst Google naar het eigen initiatief Data Liberation Front dat werkt aan migratiemogelijkheden.
Google biedt een overzicht van de veranderingen, waarbij de oude en nieuwe versie van de privacyvoorwaarden zijn samengevoegd met de functie ‘wijzigingen tonen’. Daardoor zijn geschrapte en geheel nieuwe delen duidelijk zichtbaar (als respectievelijk doorgestreepte en geel gemarkeerde tekst).
Nieuw: SMSGeheel nieuw is een deel over sms-berichten, die via enkele Google-diensten zijn te verzenden en ontvangen. In dat deel informeert Google gebruikers dat het informatie verzamelt en bewaart die is geassocieerd met die sms-berichten.
Dit omvat het telefoonnummer, de telecom operator die dat nummer voert, de inhoud van de sms, en de datum en tijd van de verzending. “We mogen ook je e-mailadres gebruiken om met je te communiceren over onze diensten.”
WiFi-data StreetView-auto’sGeheel geschrapt is een passage over data-integriteit. Daarin stelde Google dat het persoonlijke informatie alleen verwerkt voor de doeleinden waarvoor die data is verzameld én in overeenstemming met zijn privacyvoorwaarden. Het per ongeluk vergaren van onbeveiligd WiFi-verkeer door de Street View-auto’s heeft dat deel van de voorwaarden in wezen geschonden.
“We nemen onze dataverzameling, -opslag en -verwerkingsprocedures door om te verzekeren dat we alleen de persoonlijke informatie vergaren, opslaan en verwerken die nodig is om onze diensten te leveren of te verbeteren, of voor een ander doel dat is toegestaan door deze privacy policy”, stelt Google in het nu geschrapte deel. De WiFi-data is niet alleen drie jaar lang vergaard, maar ook opgeslagen, zonder dat de internetreus het zelf door had.
DashboardIn de nieuwe voorwaarden noemt de internetreus ook het Google Dashboard, waar gebruikers hun account en de daaraan gekoppelde informatie en Google-diensten kunnen inzien. Voor gebruikers van Google Apps gelden mogelijk ook instellingen en privacyvoorwaarden die de Apps gebruikende organisatie, zoals bedrijf of universiteit, stelt. Apps-beheerders hebben toegang tot je accountinformatie inclusief je mail, merkt Google op.
De aankomende invoering van de nieuwe privacyvoorwaarden wordt al enige tijd aangekondigd op de inlogpagina voor diensten als Gmail en Google Docs. De ingekorte voorwaarden vervangen veel van de aparte voorwaarden voor de diverse Google-diensten, zoals het in 2008 gekochte ads-netwerk DoubleClick. De overgenomen mailsecuritydienst Postini behoudt wel zijn eigen privacy policy.
Bron: webwereld.nl








