Internetbedrijf Yahoo heeft de namen van zo’n 200 duizend Iraanse gebruikers verstrekt aan de autoriteiten in de islamitische republiek. Dat beweert een Iraanse studentenbeweging.
ZDNet publiceert vrijdag een vertaling van een bericht op de website van die organisatie. Daarin wordt gesteld dat het Iraanse ministerie van Telecommunicatie Yahoo zou hebben gevraagd om de gegevens van Iraanse Yahoo-gebruikers die een weblog onderhouden.
Dat deed het ministerie nadat Iran tijdens de demonstraties tegen de omstreden herverkiezing van president Ahmadinejad, afgelopen zomer. Bij die protesten speelde internet een belangrijke rol: tegenstanders van het regime communiceerden via weblogs en diensten als Twitter, en gebruikten die kanalen ook om nieuws over de acties te verspreiden.
Gegevens
Iran blokkeerde daarom de toegang tot onder meer de webdiensten van Yahoo en Google. Volgens de studentenorganisatie ging Yahoo daarop met het ministerie in overleg om de blokkade ongedaan te maken. Het ministerie zou in ruil daarvoor de gegevens hebben geëist van alle Iraanse Yahoo-gebruikers.
Toen het internetbedrijf liet weten dat dat – wegens de omvang van de lijst – erg lang zou duren, nam het ministerie genoegen met een overzicht van de Iraniërs met een weblog bij Yahoo.
Lijst
Nadat Yahoo die lijst had overhandigd, werd de toegang tot de diensten van het bedrijf hersteld, beweren de studenten. Dat gebeurde overigens ook met Google, dat in het geheel niet op de blokkade had gereageerd.
De Iraanse activiteiten van Yahoo worden geleid vanuit Maleisië, niet vanuit het Amerikaanse hoofdkwartier van het bedrijf. ZDNet zegt Yahoo om een reactie te hebben gevraagd, maar heeft die nog niet gekregen.
China
Als het verhaal klopt, is dat pijnlijk voor Yahoo. Het internetbedrijf kwam de afgelopen jaren al meermalen in opspraak omdat het gegevens van mensenrechtenactivisten had verstrekt aan de autoriteiten in China. Dat leidde tot diverse rechtszaken, die Yahoo uiteindelijk schikte.
Bron: Nu.nl









Discussion
No comments for “Yahoo gaf namen webloggers aan Iraans regime”